Na mijn vorige column kreeg ik een suggestie voor een nieuw onderwerp: “Schrijf eens iets over medelanders met een kort lontje.”
Natuurlijk vraag ik me soms af waarom sommige mensen eigenlijk naar Thailand verhuizen. Niet omdat ik ze het land niet gun, maar omdat ze hun humeur blijkbaar vacuüm hebben verpakt tussen hun slippers, zonnebrandcrème en zwemkleding.
Thailand-Het land van de glimlach-32 graden-Een blauwe lucht-Palmbomen-Geen wekker-geen files op de A16 en geen Belastingdienst die op de deur klopt. En toch krijgen sommige mensen het voor elkaar om heter te worden dan het weerbericht voorspelde.
Ik zie het regelmatig. Een kop koffie die drie minuten langer duurt dan verwacht. Een ober die iets niet begrijpt. Een rekening die nog niet direct wordt gebracht. Een verkeerssituatie die anders verloopt dan in Nederland. En voor je het weet staat iemand zich druk te maken alsof hij zo meteen de laatste reddingsboot van de Titanic mist.
Wat mij daarbij altijd opvalt, is dat de Thai zelf vaak verbazingwekkend rustig blijven. Waar wij Nederlanders soms binnen tien seconden van vriendelijk naar geïrriteerd kunnen schakelen, lijkt een Thai eerst nog drie keer te glimlachen voordat er überhaupt sprake is van ergernis. Misschien zit daar wel een les in.
Misschien is dat wel één van de redenen waarom Thailand me zo aanspreekt. Het leven lijkt hier wat langzamer te stromen, en dat past eigenlijk heel goed bij mij. Ik heb nooit zoveel haast gehad. Ik wacht rustig af, kijk graag om me heen en geniet van wat er op dat moment gebeurt. Misschien verwonder ik me daarom juist zo over mensen die zelfs onder een palmboom nog haast weten te hebben.
Misschien is dat wel het mooie van Thailand. Het land verandert niet alleen je omgeving, het houdt je soms ook een spiegel voor. Want als je zelfs in een tropisch paradijs nog boos kunt worden omdat je koffie vijf minuten later komt, ligt het probleem misschien niet bij Thailand. Dan ligt het waarschijnlijk iets dichter bij huis.
Begrijp me niet verkeerd. Iedereen heeft wel eens een slechte dag en iedereen moppert wel eens. Maar sommige mensen lijken hun korte lontje zorgvuldig te hebben ingepakt tussen hun zwembroek, zonnebrandcrème en de anti-muggenspray. Blijkbaar was er nog ruimte over in de koffer.
Dus ik ben benieuwd naar jullie eigen verhalen. Die ene medelander die boos werd in een situatie waarvan je dacht: hoe dan? Of misschien herken je het stiekem bij jezelf. Want zoals ik inmiddels heb geleerd: achter ieder kort lontje zit meestal weer een mooi verhaal.
Erica de Winter
