MET THAISE VROUW GETROUWDE HOLLANDSE ZEEMAN ZIT AL MAANDEN VAST OP SCHIP VOOR DE KUST VAN INDIA

0
376

“HET IS EEN SPEL VAN HANGEN EN VERLANGEN”

(Hij zit er vol ongeduld naar te verlangen)


INDIA:- Het is overleven geblazen voor de Nederlandse zeeman Gerrit Oonk en een paar Filipijnen en Indiërs op het schip Sea Angel, dat al drie maanden wordt vastgehouden voor de kust van India. In de hitte, met nauwelijks voedsel en drinken. „De situatie wordt met de dag beroerder, ik weet niet hoe lang ik dit volhoud.”Bij Gerrit Oonk thuis in Oldenzaal zijn het zenuwslopende maanden. Zijn Thaise vrouw Wanna en hun drie kinderen, maar ook zijn moeder en stiefvader maken zich grote zorgen.

‘IK WORD NEGEN JAAR”
De tranen staan in de ogen van Wanna als ze ook maar even over de situatie van haar man moet praten. „Ik sta overal alleen voor. Het is moeilijk. Ik mis hem”, zegt ze. En ook de kinderen missen hun vader elke minuut. „Ik word maandag negen jaar. Als mijn vader maar in elk geval van het schip is, is dat mijn grootste cadeau”, zegt dochter Nicha. En zoon Lenny van twaalf hoopt dat zijn trouwste supporter bij de kampioenswedstrijd van zijn voetbalelftal kan zijn, over drie weken.

Of dat lukt is maar zeer de vraag. Er zijn veel beloftes gedaan de afgelopen maanden, maar ondertussen zit Gerrit al sinds half februari in de brandende zon vast op een klein schip met weinig bewegingsruimte.

‘TOCHT VERANDERD IN EEN HEL’
Gerrit Oonk is een globetrotter. Hij woonde jarenlang in Thailand, werkte de afgelopen jaren voor een Nederlandse baggeraar in Dubai. Maar na een ontslagronde zocht hij zijn heil bij een nieuwe werkgever. Het werd Sustainable Line Trading. Dat had net het sloopschip Sea Angel gekocht van een bedrijf in Dubai en wilde het naar het Indiase Alang slepen. Gerrit zou waken over de veiligheid. De rest van de bemanning bestaat uit Filipijnen en Indiërs.

Als geharde zeeman is Gerrit wel wat gewend, maar deze tocht verandert al snel in een hel als hij op 28 januari vertrekt. De reis duurt tien dagen langer dan gepland. Onder meer doordat de brandstof opraakt en het schip dagenlang stuurloos ronddobbert. Als eindelijk de haven in zicht is, heeft een schuldeiser, de brandstofleverancier, beslag laten leggen op de Sea Angel. Het schip mag de haven niet in. De bemanning, in dienst van verkoper Momentum Marine Services uit Dubai, wil nu het schip niet meer af. De scheepslui krijgen allemaal nog achterstallig loon. Gerrit mag aanvankelijk ook niet van het schip. Hij werd als westerling door de bemanning een tijdje als troef achter de hand gehouden. En de bedrijven in India en Dubai wijzen naar elkaar en naar de bemanning.

“VEERTIG KILO AFGEVALLEN”
„Hij is al veertien kilo afgevallen”, zegt stiefvader Wessel. „Als er al voedsel is, is het rijst met tomatensaus. Afgelopen vrijdag is er eindelijk drinkwater gebracht: twintig liter voor acht man. En tien witbroden. Gelukkig heeft hij inmiddels wel nieuwe medicijnen. Dat is een kleine opluchting. Hij zat zonder zijn cholesterolverlagers en bloedverdunners.”

De situatie thuis in Oldenzaal wordt intussen steeds nijpender. Gerrit heeft al maanden geen salaris meer ontvangen. De rekeningen stapelen zich op, de familie probeert de eindjes aan elkaar te knopen. Bovendien moet het gezin Oonk over een paar weken hun koophuis uit. Het is verkocht, het gezin zou naar Dubai verhuizen. Maar Gerrit moet tekenen voor de verkoop. Bovendien dreigt het gezin op straat te belanden. Er is een huurhuis beschikbaar, maar daar hebben ze op dit moment geen geld voor.

Contact met Gerrit is er in de tussentijd nauwelijks. Uit de WhatsApp-berichten die hij stuurt, blijkt de uitzichtloosheid: ’Ik mis jullie. Ik weet niet hoe lang ik dit volhoud. Ik moet hier echt snel weg’, stuurt hij op 30 april. Inmiddels zijn er al weer weken voorbij.‘IK VOEL MIJ ZWAK’
Toch lukt het om even te bellen met Gerrit. Hij beschrijft de ellende. „Het vreet aan je. De situatie wordt met de dag beroerder”, zegt hij. „We bellen elke dag met het bedrijf, ze beloven van alles, maar er gebeurt niks. Ik voel me zwak. Het is droevig hier. Het is echt overleven.”

Als De Telegraaf belt met Gerrits werkgever, Sustainable Lines Trading in India, zegt een woordvoerder alles in het werk te stellen om de Nederlander van het schip te krijgen. Hij doet zelfs een belofte: vandaag wordt hij opgehaald. „Hij zit daar nog vast omdat de rest van de bemanning hem niet wil laten gaan”, zegt de woordvoerder.

Maar Gerrit heeft zijn familie al laten weten dat hij van boord mag. De werkgever haalt hem echter niet op. „Dat wist ik niet”, zegt de woordvoerder. „We nemen contact op en halen hem eraf.” Gerrits familie is sceptisch. „Er zijn al zoveel toezeggingen gedaan”, schudt moeder Sieni haar hoofd.

ER MOETEN NOG TONNEN BETAALD WORDEN’
Zij en stiefvader Wessel proberen hemel en aarde te bewegen om Gerrit thuis te krijgen. De Nederlandse ambassades in Dubai en in het Indiase Mumbai worden ingeschakeld. Die informeren volgens Bahman Barati, directeur van het verkopende bedrijf uit Dubai, elke dag naar de situatie.

Maar echt iets betekenen, kunnen ze verder ook niet, blijkt uit e-mails van de ambassades aan moeder Sieni. Intussen blijft Gerrit gevangen in het grillige steekspel tussen verkoper en koper van de Sea Angel, de schuldeiser die beslag heeft gelegd en de boze bemanning. Barati belooft ook aan De Telegraaf dat de situatie nog deze week is opgelost. Maar om het schip los te krijgen moet hij naar eigen zeggen nog tonnen betalen aan de schuldeiser. „En die heb ik niet”, zegt hij.

Informatie en bron:
Illustraties: screenshots
Content: Ilan Sluis
Bron: Telefgraaf.nl