DE 84-JARIGE ENKHUIZER SIMON GROOT WINT DE ‘NOBELPRIJS VOOR VOEDSEL’

0
176

~WAT MEN AAN ZAAD BESPAART, VERLIEST MEN MET DE OOGST~

(Verkeerde zuinigheid is niet goed)


ENKHUIZEN:- Simon Groot heeft de Wereldvoedselprijs gekregen vanwege zijn inzet om kleine boeren in Azië en Afrika van betere groentezaden te voorzien. Zo zorgde hij niet alleen voor economisch perspectief, maar ook voor gezondere voeding voor miljoenen mensen.

De oprichter van East-West Seed is de eerste Nederlander die de World Food Prize krijgt, ook wel de ‘Nobelprijs voor Voeding en Landbouw’ genoemd. ,,Dat woord is wat groots naar mijn smaak’’, reageert de ondernemer uit Enkhuizen aan de telefoon. ,,Maar het is wel bijzonder dat de prijs nu bij ons terecht komt. In Nederland, en in de tuinbouwsector. Daar is tot nu toe weinig erkenning voor geweest. Veel aandacht gaat uit naar de grote landbouwgewassen die koolhydraten opleveren: tarwe, rijst, maïs, soja. Maar van alleen rijst kun je niet leven.’

Groenten worden in de tropen amper op commerciële schaal verbouwd. In 1965 zag Groot, zesde generatie in een familie van zaadveredelaars, op zijn eerste dienstreis in Indonesië  witte kool van de variant ‘Glorie van Enkhuizen’ op een akkertje staan.

Die zag er niet bepaald glorieus uit: de kroppen die het in Europa zo goed deden, bleven in de tropen klein en misvormd. Het was voor Groot een eyeopener. Hij realiseerde zich dat boeren in de tropen geen beschikking hadden over goed zaad. En dat slecht zaad leidde tot lage opbrengsten, wat weer leidde tot armoede en ondervoeding voor boeren en hun gezinnen.

KLEINE ZAKJES
Nadat het familiebedrijf Sluis & Groot in 1981 werd verkocht aan een Zwitsers bedrijf (dat later opging in Syngenta), zag Groot zijn kans. Hij nam ontslag en richtte met het geld dat de verkoop had opgeleverd een eigen bedrijf op: East-West Seed. Dat is inmiddels marktleider op het gebied van tropische groentezaden in Azië en timmert hard aan de weg in Afrika en Latijns-Amerika.

HOOFDKANTOOR BANGKOK
Vanuit het hoofdkantoor in Bangkok bedient het zadenbedrijf (met een jaaromzet van zo’n 150 miljoen euro) 20 miljoen boeren in zestig landen.

Die klantenkring ontstond niet vanzelf. Andere bedrijven en de banken zagen geen markt in de kleinschalige boertjes in die landen, vertelt Groot. Samen met zijn Filipijnse partner begon hij met de verkoop van kleine zakjes zaad, niet duurder dan een pakje sigaretten.  ,,Alleen al op het Indonesische eiland Java zijn tien miljoen kleinschalige boeren.

Daar is weinig andere werkgelegenheid dan wat gewassen verbouwen op je lapje grond. Boeren wonnen daar al generaties lang hun eigen zaad. Zie ze maar eens te overtuigen dat het voor hun eigen bestwil is om ons betere zaaigoed te kopen. Dat doen ze pas als ze bij een buurman zien dat het meer oplevert.’’

LEES VERDER!

Foutje gezien? Mail mij, ik zal u dankbaar zijn.
Informatie en bron
Illustraties: PhotoStock
Content: Annemieke van Dongen
Bron: AD.nl